Op paasmaandag in 1991 werd Carine voor het eerst moeder. Bart was perfect: klein, zacht en zo welkom. Op dat moment leek het volmaakte geluk voor haar weggelegd. “De zwangerschap en bevalling verdwenen meteen naar de achtergrond, met zo’n klein hummeltje in je armen”, zegt ze.
Maar een paar dagen later kantelde alles. Geluk werd ingeruild voor het onvoorstelbare: Bart was overleden. “Ik stond met mijn kind in mijn armen”, vertelt Carine. “De arts vroeg of ik toestemming wilde geven voor een obductie. Ik voelde de grond onder mijn voeten verdwijnen. Je weet niet meer hoe je verder moet leven. Ik lag huilend in de armen van mijn partner Hans. Een deel van jezelf sterft mee.”
Afscheid van Bart
In het ziekenhuis kon Carine haar zoontje voor de allerlaatste keer aankleden. Ze had tijdens de zwangerschap een wit kruippakje uitgezocht, geborduurd met eendjes. “Ik was blij dat ik dit nog voor hem mocht doen”, vertelt ze. “Maar zijn lichaam was zo koud dat het me niet lukte. Een verpleegkundige nam het voorzichtig van me over.” Er werd nog een foto gemaakt. Maar de flitser werkte niet, waardoor de opname wazig werd. “Dat doet nog steeds pijn”, zegt Carine. “Het was de laatste kans.”
“Er is geen groter medeleven
dan de erkenning van lotgenoten”
De pastoor van het ziekenhuis kwam langs. Hij noemde Carine moeder, waarmee hij haar enorme steunde. “Dat ene woord… ik was hem daar heel dankbaar voor. Want ook al was Bart niet meer hier, ik bleef moeder.” Ook in het mortuarium kreeg ze onverwachte menselijkheid. De man die hier werkte zag haar verdriet en vertelde dat hij jaren eerder zijn eigen kind had verloren. Carine: “Er is geen groter medeleven dan de erkenning van lotgenoten.”
Verwarring alom
Als jonge ouders moesten Carine en Hans plots beslissen over zaken waar ze nooit over hadden nagedacht. Begraven of cremeren? Kerkelijk of niet? Een groot of klein afscheid? “De begrafenisondernemer wilde snel antwoorden”, vertelt Carine. “Voor hem was het routine, maar voor ons was er verwarring alom. Zeker op de momenten dat er nog kaartjes op de deurmat vielen: ‘Gefeliciteerd met de geboorte van jullie zoon’.”
Uiteindelijk kozen ze voor een begrafenis, zonder kerkdienst. Familie, vrienden en bekenden waren welkom. Op de dag zelf werden ze geleefd. “Ik herinner me heel weinig”, vertelt Carine. “Alleen dat we hand in hand naar het graf liepen. Het kleine kistje zakte. In enge stilte werden roosjes gelegd. En dan aan het eind: terug naar huis. Een leeg huis. Een lege wieg. Een lege kinderwagen. En diezelfde leegte in ons lijf.”
“Uiteindelijk wil je alleen dat iemand luistert”
Wat mensen zeggen (en wat je eigenlijk nodig hebt)
De reacties uit hun omgeving liepen daarna sterk uiteen. Een kind uit de buurt van acht belde aan en zei eenvoudig: ‘Ik vind het echt heel erg van jullie baby.’ “Dat raakte me”, zegt Carine. “Kinderen zeggen wat ze voelen. Volwassenen vinden dat veel moeilijker. Sommige mensen staken zelfs de straat over om me niet te hoeven ontmoeten. Anderen probeerden te troosten met goedbedoelde maar pijnlijke uitspraken, zoals ‘Je bent nog jong’, ‘Hij was nog maar een paar dagen oud’ en ‘Je leer van elke gebeurtenis’. Uiteindelijk wil je alleen dat iemand luistert. Dat je je verhaal mag vertellen, ook na maanden, zelfs na jaren. Want rouw gaat niet over. Het verandert alleen van vorm.”
“Voel je niet schuldig”
Zoektocht naar houvast
Carine had altijd geloofd in God. Maar na Barts overlijden kon ze niet bevatten dat een perfect gezond kind zomaar uit het leven werd gerukt. “Ik was zo boos”, vertelt ze. “Ik kon geen voet meer in de kerk zetten. Ook merkte ik dat ik de wereld om me heen anders ging bekijken. Dingen die anderen groot vonden, vond ik nietig. Als iemand huilde omdat haar kind voor het eerst naar school ging, dacht ik alleen: jij kunt je kind vanmiddag weer ophalen. Maar langzaam, heel langzaam, kwam er een kentering.”
“En soms gebeuren er dingen die je niet kunt verklaren”, vervolgt ze. “Kort voor of na de begrafenis had ik een bijzondere ervaring. Ik lag in bed, uitgeput door verdriet, toen ik Bart ineens ‘zag’. Geen droom, geen woorden, maar een helder beeld, en een boodschap die rechtstreeks in gedachten leek te komen. Hij liet me voelen dat hij goed was opgevangen. Tegelijk verschenen mijn overleden vader en schoonvader. Het duurde maar een paar seconden, maar het gaf een gevoel van rust en vrede.”
Weer verder, met Bart in haar hart
Of het een teken van God was, weet ze niet. Maar het gaf haar kracht om door te gaan. Na een moeilijke tijd … uiteindelijk weer ruimte voor licht. Carine werd opnieuw moeder en vond jaren later ook opnieuw liefde. “Ik geniet weer van het leven”, zegt ze. “Ik hoop dat ik honderd mag worden en mijn kinderen mag zien opgroeien. En misschien zelf oma wordt. Maar Bart hoort er altijd bij. Dat stopt nooit. En ik geloof dat ik hem ooit terugzie. Hij wacht op me. Daar verheug ik me op.”